Gedragsverandering door Angst
- 9 mrt 2024
- 5 minuten om te lezen
Meneer van der Linden is een vriendelijke man van 78 jaar. Hij woont zelfstandig, maar zijn geheugenklachten nemen toe, waardoor dagelijkse activiteiten steeds lastiger worden. Elke ochtend begint met verwarring. Meneer van der Linden staat op en merkt dat hij de indeling van zijn eigen huis niet meer goed kan herinneren. De kamers lijken vreemd en onbekend, en hij kan niet herleiden waar hij zich bevindt. Deze desoriëntatie wekt een gevoel van onzekerheid en angst op. In zijn eigen huis voelt hij zich vaak onprettig. 's Nachts wordt de angst van meneer van der Linden verder versterkt. In het donker worden zijn omgeving en de schaduwen onherkenbaar, wat paniek bij hem teweegbrengt. Hij roept soms om hulp en voelt zich gevangen in een angstaanjagende wereld waarin niets meer vertrouwd lijkt.
Wat is angst?
In principe is angst een normale reactie op een gevaarlijke situatie. Als we gevaar signaleren, bijvoorbeeld doordat we een beer op ons af zien lopen, activeert ons lichaam direct het autonome zenuwstelsel. Hiermee word je voorbereid en schrap gezet. Dit kennen we als de zogenaamde ‘fight or flight’ reactie. In een split second wordt het lichaam klaargestoomd om óf te vechten óf heel hard weg te rennen. Je lichaam doet dit door je hartslag en ademhaling te versnellen, je spierspanning te verhogen en door angstige gedachten op te roepen, zoals “als ik niet hard wegren, dan eet hij me op” “als ik niet win in het gevecht, ga ik dood”.
Hartstikke handig zo’n systeem, want dat heeft ervoor gezorgd dat wij als mensen de afgelopen eeuwen veel gevaarlijke situaties hebben overleefd. Nu is het zo dat wij als mensen en onze omgeving veel sneller geëvolueerd en veranderd zijn, dan dat ons systeem en ons brein heeft kunnen veranderen. Dat maakt dat we nu in de huidige tijd, waarin veel minder gevaar dreigt, nog steeds een intern alarmsysteem hebben dat veel te gevoelig is afgesteld.
Angst uit zich op verschillende manieren, zo kan iemand bijvoorbeeld fysieke symptomen ervaren, zoals een versnelde hartslag en ademhaling, zweten of klamme handen krijgen of gespannen spieren voelen. Er zijn cognitieve symptomen, wat inhoudt dat iemand zich veel zorgen kan maken en mogelijk veel piekert, erg negatief denkt of moeite heeft met concentreren. Iemand kan emotionele symptomen door angst ervaren, zoals bang zijn, irritatie en prikkelbaarheid of gevoelens van onrust of nervositeit. Daarnaast kan angst zich ook in gedrag uiten, waarbij we vaak zien dat iemand bepaalde situaties of activiteiten vermijdt om confrontaties met de angst te voorkomen. Iemand kan bepaalde handelingen herhalen om daardoor angst te verminderen. Slaapproblemen kunnen voorkomen, maar ook terugtrekken uit sociale situaties en angstig zijn om gesprekken of contacten aan te gaan. Dit is natuurlijk een heel korte en beknopte omschrijving van wat voor angsten en symptomen er kunnen plaatsvinden, maar anders wordt de blog veel te lang ;).
Angst bij dementie
Bij dementie kunnen er verschillende oorzaken zijn waardoor jouw naaste angstig kan worden. Zo zien we, bijvoorbeeld in de bedreigde ik en verdwaalde ik fase van dementie, vaak dat angst ontstaat door een verlies van controle of overzicht in de situatie. Daarnaast kan het zo zijn dat jouw naaste:
Lichamelijke klachten heeft, maar dit niet goed kan plaatsen of begrijpen. Denk hierbij aan kortademigheid, duizeligheid, misselijkheid, maagpijn, hoofdpijn of slapeloosheid.
Last heeft van overprikkeling en overbelasting, waardoor het angstsysteem wordt geactiveerd. Hij of zij ervaart bijvoorbeeld dat er te veel geluiden om hem heen zijn en kan deze informatie niet verwerken. Of misschien wordt er teveel informatie tegelijkertijd geboden, wat hem of haar overvraagt.
Niet duidelijk kan maken of kan communiceren wat er in hem of haar omgaat.
Bepaalde taken of activiteiten niet meer goed kan uitvoeren, wat zorgt voor confrontatie en angst.
Geconfronteerd wordt met veranderingen om hem of haar heen, waardoor hij of zij de omgeving niet herkent.
Soms kan het zo zijn dat iemand niet meer goed kan vertellen dat hij of zij angstig is. Wat voor gedrag zie je dan precies? Je kan de angst herkennen door gedragingen als: zich zorgen maken over de details van een afspraak, niet alleen willen zijn, steeds afvragen waar andere mensen of bijvoorbeeld partner is, ongeduldig zijn, snel schrikken of erg zenuwachtig zijn, bang zijn om fouten te maken, rusteloos gedrag zoals niet stil kunnen zitten en veel rondlopen.
Wat kan je doen als naaste?
Bied veiligheid! Het allerbelangrijkste is misschien wel dat je een gevoel van veiligheid biedt. Dit kan je doen door:
Begripvol en geduldig te zijn. Neem de tijd om te luisteren naar de angsten en/of zorgen van je naaste.
Probeer je in te leven in de beleving van je naaste met dementie en probeer de angst te begrijpen. Ondanks dat iets misschien niet klopt, ga hier niet tegenin, in de beleving van jouw naaste is dit de werkelijkheid. Er tegenin gaan helpt niet en zorgt enkel dat er meer onveiligheid is én dat het angstsysteem mogelijk extra geactiveerd wordt.
Communiceer duidelijk en met korte zinnen. Lange uitleg komt vaak niet binnen. Maak opmerkingen zoals: "Je bent hier veilig, ik weet dat het moeilijk is, maar ik blijf bij je.”
Gebruik non-verbale, ondersteunende communicatie, om je verbale boodschap te ondersteunen. Zo kan je glimlachen of knikken om te bevestigen dat het goed is.
Creëer een veilige omgeving. Zorg bijvoorbeeld in de avond of nacht voor goede verlichting om angst te verminderen en om de oriëntatie te verbeteren.
Aanraking of iemand vasthouden kan geruststelling en veiligheid bieden.

Gebruik activiteiten of hobby’s als muziek luisteren, tuinieren, wandeling maken, natuurfilm kijken, in de tuin lopen, om je naaste af te leiden van de angstige gevoelens en gedachten. Eventueel kan je ook inzetten op ‘sensorische ervaringen’, zoals een zachte deken of een geur die iemand doet ontspannen en rust kan brengen.
Om te voorkomen dat iemand angstig wordt:
Zorg voor structuur en regelmaat. Duidelijkheid en weten wat er komt of wat er van je verwacht wordt, biedt veiligheid.
Verminder prikkels in de omgeving. Beperk het aantal mensen of de hoeveelheid geluid in de omgeving om overprikkeling te voorkomen.
Creëer een rustige plek in huis, waar jouw naaste zich kan terugtrekken en tot rust kan komen.
Stimuleer (lichte) bewegingsactiviteiten om stress te verlagen.
Eet gezond en minimaliseer alcoholgebruik. Alcohol kan ook een stressreactie in het lichaam uitlokken.
Onderzoek wat de uitlokkers of oorzaken zijn van de angst bij jouw naaste en kijk of je deze kunt vermijden of weghalen om te voorkomen dat de angst zich voordoet. Je kan hierdoor ook mogelijk gemakkelijker de angst herkennen en er tijdig op inspelen.
Houd daarnaast bij wat positieve ervaringen zijn of effectieve manieren om met angst om te gaan, zodat je in een volgende situatie beter weet wat te doen.
Al met al is het omgaan met angst bij een dierbare met dementie is complex en uitdagend, maar met liefde, geduld en de juiste benadering kan er veel rust en comfort geboden worden. Het is altijd goed om de huisarts of een psycholoog te raadplegen, wanneer de angst vaak voorkomt, om zo een goede behandeling en benadering op te stellen. Vergeet ook niet om als mantelzorger voor uzelf te zorgen. Uw welzijn is net zo belangrijk als dat van degene voor wie u zorgt.
Bronnen: GGZ Standaarden Angstklachten en Angststoornissen, Protocollaire behandeling voor volwassenen met psychische klachten, Angstvrij, Dementie, hoe ga je ermee om? Handboek Ouderenpsychologie, Wat je echt moet weten over dementie, Dementie.nl, Alzheimer Nederland
.png)



Opmerkingen